Scheepspraet


 overzicht
Inhoud
Start
geestelijke verzorging Geestelijke verzorging

   Aan boord van ieder troepentransportschip bevinden zich tenminste 1 veldprediker en 1 aalmoezenier.
   We laten hier achtereenvolgens beiden aan het woord.

De Veldprediker
   Als een landrot en dan nog wel "dominee-landrot" sta je eerst wat huiverig tegenover zoo'n zeereis met een troepenschip... Er zijn zooveel geruchten geweest over een slechten geest onder de troepen, die naar Indië moeten en dan zoo'n reis op zee..., dat zal voor de geestelijke verzorging wel niet veel gedaan zijn! ... Heel wat ouders laten hun jongens juist hierom met een angstig hart vertrekken, maar laat ik uit ervaring nu eens iets mogen vertellen, hoe dit in de werkelijkheid is.
   Wij waren met een stel echt Hollandsche jongens aan boord, U weet, hoe die zijn! Ze kwamen uit alle oorden van het land, sommigen belust op avondtuur, anderen bezorgd om wat ze achterlieten, de meesten voor het eerst werkelijk "op reis"!
   Vroeg in den morgen, genietend van de heerlijke frissche zeelucht, turend naar een schip in de verte, houden we onze morgenwijdingen en 's avonds onder een sterbezaaiden hemel boomen we over de meest diepzinnige onderwerpen. We kennen elkaar niet, we weten niet van welke "kerk" we hier bij elkaar zijn, maar varend langs de vreemde kusten, is hier een onvergetelijke contact geweest. Jongens met de wonderlijkste ideeŽn komen hier los en praten hier met "den dominee" als met een hunner kornuiten. Ze weten, dat ze bij hem kunnen aankloppen en ... zij maken er gebruik van.
   Prachtig is dit werk van geestelijke verzorging op een schip met Hollandsche troepen en gelukkig wordt daar nu alle aandacht aan besteed en is er aller medewerking om het te doen slagen. Trouwens, hier moeten we ook onze beste krachten aan geven. Deze jongens zijn het waard!
   Ontroerend was het om ze in de haven Port Saïd - "voor het oor der Egyptenaren" - hun psalmen te hooren zingen of om in de overweldigende hitte van de Roode Zee uit den Bijbel te lezen van den Sinaï, terwijl we wazig in de verte den rotsigen top van dezen berg kunnen zien...
   Of neem de kerkdiensten, gehouden op de lange deiningen van den Indischen Oceaan; het is alles wel heel anders dan thuis, maar juist dit "andere" geeft nieuwe mogelijkheden, ook bij hen, die gewoonlijk naar geen kerk omzien, maar hier met intense belangstelling naar de woorden van het Evangelie luisterden.
   "Heel wat opgeruimder verliet ik de boot dan ik er op gegaan was", schreef mij van de week een der jongens met wien ik de reis gemaakt heb.
   Hier aan boord wisten we elkaar te vinden en bij elk sein van den scheepsomroep kwamen ze van alle hoeken van het schip naar de afgesproken plaats.
   Met de grootste dankbaarheid denk ik aan mijn werk aan boord terug. Het behoort tot de allermooiste ervaringen bij mijn geestelijke verzorging in het leger opgedaan, die ik voor geen geld zou willen missen.
   Zóó is de practijk!... Met zulke jongens, dan is Indië nog niet verloren!
   Hier was bij velen immers het rustig vertrouwen:


   Wat de toekomst brengen moge,
   Mij geleidt des Heeren Hand,
   Moedig sla ik dus de oogen
   Naar het onbekende land...


De Aalmoezenier
   Een troepenschip is een wereld op zichzelf, een stuk vastigheid midden tusschen water en lucht. Een wereld met eigen problemen, eigen zorgen, eigen aantrekkelijkheden en eigen vreugde. Een wereld zoo klein, dat het soldatenoog ver reikt over de horizon heen, die zijn scheepswereld begrenst.
   De soldaat raakt uitgekeken op het altijd eendere rondom. Dezelfde keerende gang van de daagsche doening kan een zekere eentonigheid brengen. Je kunt er momenten beleven, waarop niets anders te doen valt dan aan den kant te gaan zitten met je hoofd in je handen. Dan trekken herinneringen als karavanen voorbij en ze laten een spoor van weemoed na.
   Een toekomst waar je schommelend heen gaat, kan wel eens wat ver en wat onzeker lijken. Temeer omdat je klein wordt tusschen de onbegrensde geweldigheid van water en van lucht, en aan zelfstandigheid schijnt in te boeten, omdat de dichtbevolktheid der kleine wereld volop verbod en voorschrift eischt.
   Dan kan het leven moeilijk lijken om zijn groote en kleine zorgen.
   Het ééne groote anker, waarop heel je wereld tegelijk vertrouwen kan, biedt dan geen uitkomst. Je eigen hart en je eigen geest zoeken dan een anker, dat steun kan geven aan jezelf.
   Dan staat voor je klaar: de aalmoezenier, de geestelijke verzorger, die tot taak heeft om voor ieder persoonlijk bereid te staan, om ieder te helpen en te steunen.
   Hij is een veilige haven midden op de groote zee.
   Hij is de vriend, die de zwaarte kent van je probleem.
   Met hem kun je praten van man tot man. Naar hem kun je altijd toegaan, wanneer je het noodig vindt om even ergens te zijn, waar je het gevoel hebt thuis te zijn.
   Hij leeft met zijn soldaten het eendere leven en alleen zijn aanwezigheid al wil je zeggen: de mensch leeft niet van brood alleen. Hij zorgt ervoor, dat men "onder dienst" niet vergeet, dat God gediend moet worden. Hij is de officier van Gods dienst. Iederen morgen, nog vóór de volle dag-bedrijvigheid en rumoerigheid op gang is, leest hij op het schip zijn Heilige Mis. Als de Zondag komt, de dag van God, doet hij het met grootere plechtigheid en in een grooteren kring van officieren en soldaten. Het schip is zijn kerk, zijn pastorie, zijn preekstoel en zijn biechtstoel.
   Als hij bidt of zingt met zijn menschen, dan klinkt ergens op de wereld tusschen water en lucht een Nederlandsch gebed, dat schip en opvarenden ten zegen zal zijn.


webdesign & copyright
© 2000-2003 Eveline