Muziek: Ambacht

 HP: Index
Inhoud
Start
Geïllustreerde Geschiedenis der Muziek.
De ontwikkeling der Toonkunst van den aanvang tot op den tegenwoordigen tijd
door
Emil Naumann,
hoogleeraar en muziekdirecteur der Hofkerk,
bewerkt door J.C. Boers.
Uitgeverij 's-Gravenhage - Joh. IJkema - 1886.



Gildepenningen uit de 15e eeuw:
"De sedert de 14de eeuw in Frankrijk zoo talrijke gilden en broederschappen der stadspijpers en speellieden ontbraken geenszins in de Nederlanden, alwaar zij evenals in Frankrijk hunne door de overheid bekrachtigde statuten en reglementen, benevens corporatiezegels en onderscheidingsteekenen bezaten, van welke wij hier enkele afbeeldingen uit de 15e eeuw laten volgen. De afbeeldingen zijn uit Edmond van der Straeten: La musique aux Pays-Bas, II."
Pijpersgilde


Ambachten in de 16e eeuw:
"Deze illustratie stelt, naar een prent van Albrecht Dürer van het jaar 1514, een duitschen doedelzakspeler uit den aanvang der hervormingseeuw voor. De eigenlijke "varende lute" hadden zich destijds in Duitschland in afzonderlijke muzikale broederschappen of gilden vereenigd. Zij vormden ook, met name in de welvarende duitschen rijkssteden, de door de burgerij bekostigde "stads-pijpers"-vereenigingen, of stonden als "legerpaukenisten" of "legertrompetters" in dienst van den vorst. Zelfs de kern der instrumentisten bestaande hofkapellen ontmoet men reeds destijds aan de hoven van den duitschen keizer en andere voorname rijksvorsten, doch als eene zelfstandige corporatie eerst aan het hof van keizer Maximiliaan I. Desniettegenstaande trokken er ten tijde van Luther en Dürer, nog genoeg blazende, bommende en vedelende straatmuzikanten, hetzij alleen, hetzij vereenigd, door de duitsche landen, om bij kerkelijke feesten, optochten en bruiloften hunne diensten aan te bieden of voor de huizen der boeren oud en jong bij elkaâr te toeteren. Zulk een straatmuzikant zien wij in Dürer's joligen doedelzakspeler.
Doedelzakspeler


webdesign & copyright
© 2001-2003 Eveline